Naar zee!

Het is zaterdag 18 augustus 15:30 uur. Een kwartiertje geleden bereikte het kwik in De Bilt de 30 graden. Daarmee is dit de eerste tropische dag van het jaar. Zoals velen zagen wij dat aankomen, dus namen we vanmorgen vroeg de bus Naar Zee, de tentoonstelling in De Hallen in Haarlem. Niet verkoelend, wel een mooi lesje kunstgeschiedenis aan de hand van kunst over het ruime sop.

Wat een ontzettend leuke tentoonstelling hebben ze bij De Hallen in Haarlem ingericht! Het idee is simpel, maar het werkt geweldig. Want is er een grote Nederlandse kunstenaar die nooit iets met de zee heeft gedaan? Vast wel, maar dat laat onverlet dat velen minimaal eenmaal de zee schilderden, anderszins in beeld brachten of gebruikten voor een performance of andere moderne frats.
En dat is precies wat Naar Zee tot zo’n leuke tentoonstelling maakt. Het neemt je mee door de Nederlandse kunstgeschiedenis aan de hand van dat ene natte, verkoelende, soms liefelijke, maar vaak net zo gevaarlijke element dat wellicht meer dan Johan Cruijff en onze vermeende tolerantie onze nationale identiteit bepaalt: het water, de zee.

Druksels

In Naar Zee staat centraal de wijze waarop Nederlandse kunstenaars sinds 1850 de zee in beeld brachten. Het moet wel heel raar lopen, wil een bezoeker tussen de 120 werken niet een paar pareltjes weten te vinden. Natuurlijk hangen Maris en Mesdag er, met van die laatste een zeestudie zonder enige stoffering; slechts de golven en het water. Een prachtig werkje!
En van later in de tijd strandtoeristische schilderijen van Isaac Israels en Kees Verwey. Natuurlijk ook meer expressionistische werken van onder meerJan Toorop en een hele fraaie ets van Escher. Verderop de druksels die Hendrik Werkman maakte bij ‘De Zee’ van Hendrik

Marsman.
Dan wat voor mij een hoogtepunt was: haast grafisch werk van Edgar Fernhout. De zee en de lucht erboven verworden bij hem tot een jazzpartituur. Twee van zijn schilderijen hangen in een nisje met nog zo’n prachtige verrassing van veertig jaar later: Jan Wolkers, die precies dezelfde tinten gebruikte, maar een volstrekt andere techniek.

Armando

Via een Willem de Kooning, die er natuurlijk ook bijhoort, maar die mij maar matig kan bekoren, komen we bij een paar jongens die gelukkig nog steeds werk produceren: Jan Cremer en Armando. Ja, ook hier zien we de zee, maar onvergelijkbaar anders, maar wat mij betreft in beide gevallen spetterend en indrukwekkend.
Dat geldt ook voor een prachtig zeestuk van Robert Zandvliet. Ik zag zijn tentoonstelling in GEM in Den Haag, en wist er niet goed raad mee. Heb er daarom nog geen blog over geschreven. Door dit werk in Haarlem voel ik iets kantelen. Die grote, brede kwaststreken van hem; eigenlijk is dat toch ook prachtig.

Priklimonade

Nog een laatste rijtje namen. Van Co Westerik hangen er twee schilderijen, waarvan vooral De Zwemmer (1) prachtig mysterieus is. Constant en Lucassen hangen er ook. En foto’s van Rineke Dijkstra, waarop de zee als achtergrond (en op de huid van haar objecten!) nadrukkelijk meedoet. En dan iemand die ik nog niet kende: Teun Hocks, die zelf figureert op zijn (soms met olieverf) bewerkte foto’s. Verrassend en vol humor.
Tenslotte nog wat action-kunstenaars als Han Jansen, met een documentaire waarin hij de Waddenzee kleurt, en de fascinerende film van Guido van der Werve met een ijsbreker en de bevroren zee. En een stukje Polygoonjournaal over Wim T. Schippers die een flesje priklimonade uitgiet in de zee.
Een verfrissende tentoonstelling, met bovendien een fraaie en spotgoedkope catalogus. Nog te zien tot en met 2 september in De Hallen in Haarlem.

Advertenties